Oude schoenen

Mensen handelen vaak uit gewoonte. Ze handelen op basis van opvattingen, die soms wel en vaak niet kloppen. Hun gebruikstheorie klopt niet meer. Als je gebruikstheorie niet klopt, leer je ook niet van nieuwe ervaringen. Je past ze in in de oude theorie. Om te leren is het belangrijk de weggestopte gebruikstheorie boven water te halen en er op te reflecteren in het licht van andere theorieën. Dan ga je echt leren van ervaring.

Schoenen
Voor ik voor een tweede periode in Indonesië ging wonen, kocht ik in Nederland nog een paar nieuwe schoenen. De eerste periode dat ik in Indonesië woonde had mij geleerd dat het niet gemakkelijk was daar een paar goede, stevige en degelijke stappers te kopen. De eerste periode had ik advies van anderen gehad om een paar goede schoenen mee te nemen en dat had ik ook gedaan. Dat eerste paar was echter al snel gestolen. Ik had ze bij het binnengaan van de woning uitgetrokken en voor de deur laten staan. Toen ik later weer naar buiten wilde gaan, waren ze weg. Een voorbijganger had ze meegenomen. Die was misschien op de hoogte van de kwaliteit van Europese schoenen of die zag op een andere manier het voordeel van het bezit van mijn schoenen. De tweede keer dat ik naar Indonesië vertrok nam ik dus opnieuw een paar goede schoenen mee. Van die schoenen met dikke zolen, en van juchtleer, niet al te glimmend dus. Je kon ze met elk soort vet of olie in conditie houden. Omdat ik voor langere tijd in Indonesië zou blijven kocht ik er in Jakarta nog een paar mooie glimmende herenschoenen bij. De prijs was een fractie van de prijs, die ik voor de schoenen in Nederland had betaald. Mijn Indonesische paar trok ik aan naar kantoor. Ik kreeg er helaas vreselijke zweetvoeten in, er was dus veel kunststof in de schoenen verwerkt. Ze zagen er mooi uit maar kwaliteit, nee, dat was het niet.

Inbrekers
En toen op een nacht, ik werd wakker van het grommen van de hond, die onder mijn bed lag. Wat was er aan de hand? Ik stond op om te gaan kijken en zag nog juist twee schimmen wegrennen en over de balkonrand in de tuin naast mijn huis verdwijnen. Mijn hart klopte in mijn keel, inbrekers. De adrenaline maakte me hyper, ik zocht een stok en daarmee gewapend zette ik de inbrekers na. Ik zag niets meer in het donker. Een zaklantaarn tussen de bomen in de donkere tuin naast mijn erf was net voldoende om de spullen te vinden, die ze op hun vlucht hadden achter gelaten. Tussen de bomen was alleen maar duisternis. Toen we wat later de schade opnamen, bleek er niets weg te zijn. Ja, er miste toch iets, de schoenen die mij zweetvoeten bezorgden waren er niet meer. Mijn dure schoenen uit Europa stonden er nog, maar de plaats daarnaast waar de zweetvoetveroorzakers hadden gestaan was leeg. De dieven hadden de waardevolle schoenen laten staan en de waardeloze meegenomen. Ik was blij met de vergissing die ze gemaakt hadden.

Ervaring of theorie
Ze moesten gedacht hebben dat wij als rijke westerlingen wel hele waardevolle spullen in huis zouden hebben. In Indonesië hechten mensen veel waarde aan de uiterlijke verschijning, goed gepoetste schoenen horen daarbij. Die zeggen iets over je status. Schoenen die niet glimmen suggereren een lagere status. Dat had ze vermoedelijk tot hun keuze gebracht. Hun theorie klopte niet en zonder een goede theorie kom je tot de verkeerde keuzes. Ze hadden zich laten leiden door ervaring, de ervaring dat westerlingen mooie spullen hebben en dat wat niet glimt geen waarde kan hebben. Een bekend Nederlands spreekwoord zegt dat je leert van ervaring. Edward W, Demming, de man achter het kwaliteitsdenken, stelt daarentegen ”experience teaches nothing. In fact there is no experience to record without theory… Without theory there is no learning… And that is their downfall. People copy examples and then they wonder what is the trouble. They look at examples and without theory they learn nothing”. Demming benadrukt het belang van theorie.

Ervaring en theorie
Wij stellen ervaring en theorie vaak tegenover elkaar, maar Deming stelt hier dat ervaring en theorie alles met elkaar te maken hebben. Om te leren heb je ervaring en theorie nodig. John Hunter schrijft daarover in een artikel van 11 juni 2013. In dat artikel laat hij zien hoe kinderen zich theorieën eigen maken. Door een lepel over de rand van de kinderstoel te schuiven leren ze dat voorwerpen naar beneden vallen bijvoorbeeld en ze leren dat volwassenen die lepel weer oprapen. Als ze zich er bewust van worden wordt het een leuk spelletje. Het gaat hier om leren via het onderbewuste. En de theorie wordt daar ook opgeborgen. Het is om met Argyris te spreken een “theory in use” (gebruikstheorie). Hunter plaats naast het leren van kinderen het leren van dieren. Hij haalt het voorbeeld aan van vogels, die om wormen te zoeken op het gras stampen. De wormen zoeken dan inderdaad de oppervlakte op en kunnen makkelijk door de vogel opgepikt worden. De vogel vertoont dat stampgedrag echter even goed op asfalt of op stoeptegels. Natuurlijk zonder resultaat.

Tijdsverspilling
Hunter waarschuwt dat mensen vaak hetzelfde doen als vogels. Er heeft zich ooit een theorie vastgezet in hun onderbewuste en die stuurt nog steeds hun gedrag. Dat is echter tijdsverspilling, stelt Hunter vast. Die mensen leren niets omdat die gebruikstheorie niet klopt. Die mensen kunnen pas leren als ze zich bewust worden van die gebruikstheorie en er verandering in aan kunnen brengen. Het is daarom belangrijk om te begrijpen welke gebruikstheorie jouw gedrag bepaalt en kritisch te kijken of die theorie nu wel zo praktisch is. Argyris noemt dat de kern van leren. Je eigen gebruikstheorie boven water halen, erop reflecteren, er kritisch naar kijken en vergelijken met andere theorieën die beschikbaar zijn. Je laten coachen is een effectieve manier om daaraan te werken. Je kunt dan ontdekken wat je moet doen om de resultaten die je wilt bereiken ook daadwerkelijk te bereiken.
Of de inbrekers iets geleerd hebben van het stelen van de verkeerde schonen weet ik niet, misschien hebben ze ze succesvol verkocht, met als verkoopargument dat het schoenen waren die uit Europa kwamen. Als ze iemand tegen zijn gekomen die er klakkeloos vanuit ging dat alles uit het westen beter was dan hebben ze de schoenen goed verkocht. Als ze een politieman in burger zijn tegen gekomen, dan had die gevraagd hoe ze aan de schoenen kwamen en hij had ze om zwijggeld gevraagd. Een schoenmaker had onmiddellijk gezien dat de schoenen uit Indonesië afkomstig waren en had ze er geen cent voor gegeven. Wat is jouw gebruikstheorie en hoe goed werkt die?